De sociale rol van de gerechtsdeurwaarder is niet alleen bemiddelen (deel 2) / het is ook faciliteren

22-02-2025

Een collega was verplicht om de gastoevoer af te sluiten bij een oudere heer in Zwijndrecht. Aangezien Zwijndrecht bij Oost-Vlaanderen is gekomen diende het dossier voor wat betreft de openstaande gerechtskosten en de kosten van de betekening en bevel van het vonnis alsook de bewerkingen van de collega nog te worden betaald zodat ik mij, na uiteraard voorafgaande aanmaning en voorafgaande poging, met politie ter plaatse begaf om beslag te betekenen.

Eens ter plaatse deed de man enkel de loopdeur open. Hij kon onmiddellijk wel zien wie wij waren en ik legde hem uit dat de kosten die Fluvius heeft moeten maken nog steeds onbetaald waren en wij daarom ook binnen moesten zijn om een inventaris te maken van de aanwezige meubelen. Ik zag onmiddellijk aan zijn gelaatsuitdrukking dat het niet van een leien dakje zou lopen! Dat was dan ook de reden waarom ik onmiddellijk daaraan toevoegde dat ik helemaal niet van plan was om veel van zijn tijd in beslag te nemen en zeker niet met kwade bedoelingen kwam. Ik vroeg hem ook om ons (snel) binnen te laten met het argument dat de mensen op straat hier geen zaken mee hebben en op straat zo staan discussiëren zou ook niet goed zijn voor zijn imago.

De man antwoordde dat hij alles had betaald en ons niet ging binnenlaten. Hierop repliceerde ik dat dat wel kon zijn maar dat het hier niet ging over de rekening zelf van Fluvius maar over de kosten die een collega heeft moeten maken. Voorwaar een niet evidente zaak om uit te leggen aan een 87 jarige en zeer koppige man. Hierop deed de man de loopdeur dicht waarop ik onmiddellijk iets luider in toon beleefd de man er op wees dat wij anders met de slotenmaker zouden moeten het slot breken en dat zouden echt wel domme kosten zijn voor hem. 

Uiteindelijk deed de man terug de deur open maar wou alleen mij binnenlaten en dus absoluut niet de getuige, slotenmaker en politie. Ik zag een kans, het was nu tijd om te 'negotiëren'. Als grote toegifte zou ik dan zeer uitzonderlijk alleen met de politie binnen gaan maar hij zou dan wel medewerking moeten verlenen. 

Er volgende een trage en moeizame calvarietocht naar de woonruimte en na de discussie over het al dan niet moeten uitdoen van onze 'vuile' schoenen kon ik plaatsnemen aan de eettafel. Om het ijs nog wat meer te breken zei ik dat de rekeningen inderdaad betaald moeten zijn, het was hier nu lekker warm. Het gesprek duurde meer dan een kwartier en mijn geduld werd op de proef gesteld. Op mijn vraag of hij nog enige hulp kreeg van bijvoorbeeld familieleden leek hij te suggereren dat dat een domme vraag was waarop ik mij excuseerde voor het geval dat dit hem slecht was toegekomen.

Ik liet de man ook weten dat wij het samen wel gingen oplossen, afbetalen is mogelijk en alles zou dan wel goed komen. Na een tijd, wij waren ondertussen al meer dan een half uur binnen, zei de man dat hij alles ging betalen. Hij zocht daarvoor naar een overschrijvingsformulier dat ik voor hem moest invullen en dat hij dan wel naar de bank zou brengen als het hem paste in de loop van de volgende week. 

Allemaal goed voor mij en wij beëindigden de werkzaamheden, weliswaar met een diepe zucht, maar wel met het goede gevoel dat we een handgemeen hebben kunnen vermijden.

Maak een gratis website. Deze website werd gemaakt met Webnode. Maak jouw eigen website vandaag nog gratis! Begin